Tentoonstelling




19 april t/m 24 mei 2008

Reinoud Oudshoorn
beelden

Paul van Dijk
beelden en werken op papier

Opening zaterdag 19 april 16.00-18.00 uur

woensdag t/m zaterdag 12.30 - 17.30 uur



zonder titel  |  2007  |  ijzer en matglas  |  38 x 150 x 19 cm

Reinoud Oudshoorn (Ommen 1953) gaat na zijn opleiding aan de AKI in Enschede in 1973 op voorspraak van Reinier Lucassen naar Ateliers 63 in Haarlem. Eind jaren zeventig besluit hij de mogelijkheden van het perspectief in te zetten voor ruimtelijk werk. Hij gaat werken in het spanningsveld tussen de ruimtelijke illusie van het platte vlak en de concrete realiteit van het object. Een schilderij is naar zijn mening teveel illusie of bedrog en een beeld is teveel een obstakel.

Met zijn hang naar ruimtelijkheid en transparantie - die het meest tot uitdrukking komt in zijn beelden van glas en ijzer - past Reinoud Oudshoorn in een lange, typisch Hollandse traditie van overwegend schilders. Glas wordt vaak gebruikt als symbool voor het metafysische, het contemplatieve, enerzijds vanwege het heldere karakter van glas en anderzijds om het mysterieuze ervan, een element dat bij uitstek gegenereerd wordt in de ruimtelijkheid van de beelden van Oudshoorn, waar verschillende vormen van semi-transparant glas, gevat in ijzer, met elkaar een constructie vormen.

Werk van Reinoud Oudshoorn >>

Verder toont Wetering Galerie beelden van Reinoud Oudshoorn in een solostand tijdens Art Amsterdam 2008, van 7 t/m 12 mei. Bij die gelegenheid zal een monografie over zijn werk gepresenteerd worden, met daarin een voorwoord door Pietje Tegenbosch.


Wir sind zur Stelle! 1  |  2007  |  ets op piëzoprint  |  36 x 53 cm Het is jammer dat het eclecticisme zo'n negatieve bijsmaak heeft, maar als dat niet zo was, zouden we Paul van Dijk - zonder enige schroom - een eclecticus kunnen noemen. Zoals de mens tout court een eclecticus is en het beste koos van wat hem ter beschikking stond en staat (het zwemmen van de vissen, het vliegen van de vogels…), zo koos Paul van Dijk voortdurend en op chique wijze het beste van wat de naoorlogse kunst heeft voortgebracht.

Maar ook hier loert de gemenigheid dat - door dit te zeggen - de indruk wordt gewekt dat Van Dijk leentjebuur speelde. Het tegendeel is het geval. Van Dijk had namelijk niets te lenen of te shoppen, omdat hij en zijn generatie juist datgene waaruit gekozen zou kunnen worden tot stand hebben moeten brengen: minimal, concept, fundamental etc.

Paul van Dijk (Utrecht 1947, Koninklijke Academie voor Kunst en Vormgeving ´s-Hertogenbosch) is een naoorlogse kunstenaar van het eerste uur, die niet meezeilde in de richting van de actuele wind, maar ijzerenheinig zijn eigen koers bepaalde. En zeker niet in de kunsthistorische volgorde der genres: als minimalist betoont hij zich uiterst fundamenteel, maar zijn concept is weer heel wat rijker dan het minimale doet vermoeden.

Treffender dan in zijn eigen woorden is het nauwelijks te zeggen: "Mijn werk houdt zich bezig met het raadsel van de inspiratie. Ik help het daarbij door te zoeken naar de discipline, het materiaal en de taal die ook het zoeken kunnen vormgeven." Op het pijnlijke af besluit hij keer op keer wat hem te doen staat, zonder spectaculaire bedoelingen en effecten. In die zin is Paul van Dijk een calvinistische eclecticus, een - in zijn innerlijke tegenstrijdigheid - wonderlijk species, buitengewoon fijnzinnig, en waar niets aan verzonnen is. (Ad de Visser)

Werk van Paul van Dijk >>